Stofontploffingsgevaar
home contact nieuws download links

 

terug

Gebieden waar fijn verdeeld stof aanwezig is geven doorgaans aanleiding tot een indeling in een zonegebied. Afhankelijk van de waarschijnlijkheid en het voortduren van een ontplofbare atmosfeer geeft dit een zone 20, 21 of 22. Voor het bepalen van de zone zie NPR 7910-2.

In de zonegebieden 20, 21 of 22 dient overeenkomstige apparatuur te worden gebruikt. Zie tabel.

Bijlage 2B uit ATEX 137
Criteria voor de keuze van apparatuur

*zone 22 geleidend stof: cat. 3 wordt cat. 2


Hiermee wordt tevens een nieuw aspect van de ATEX 95 richtlijn aangegeven. De ATEX 95 richtlijn geeft tevens eisen en voorschriften voor materieel bedoeld voor gebruik op plaatsen waar ontploffingsgevaar kan heersen als gevolg van gevaar voor hoge stofconcentraties. Dit betekent dat de apparatuur in zonegebieden 20, 21 en 22 dient te zijn voorzien van ATEX CE Ex en geschikt dient te zijn voor stof, aangeduid met de markering D voor Dust.

 

home contact nieuws download links

U kunt een e-mailbericht met vragen of opmerkingen sturen aan iab@iab-ingenieurs.nl.
Copyright © 2009  IAB Ingenieurs 
Laatst bijgewerkt: 24 December 2010